Veel gestelde vragen V.A.C. Peel & Place
Toepassing & indicaties
Ja. Dit verband is geschikt voor dezelfde geïndiceerde typen wonden als traditionele V.A.C.® Granufoam-verbanden.
Het foamgedeelte van het verband moet uitsteken voorbij alle wondranden en het wondbed volledig bedekken.
Als een wond dieper is dan 6 cm, gebruik dan een alternatief 3M™ V.A.C.® Granufoam™-verband.
• Voor het kleine verband mag de wonddiepte maximaal 2 cm zijn.
• Voor het middelgrote verband mag de wonddiepte maximaal 4 cm zijn.
• Voor het grote verband mag de wonddiepte maximaal 6 cm zijn.
De verbanden kunnen worden gebruikt met ondermijning tot 2 cm. Gebruik de verbanden niet als de ondermijning groter/ dieper is dan 2 cm.
Gebruik de verbanden niet op wonden met tunnels. Gebruik een ander V.A.C.® Granufoam™-verband voor wonden met tunnels.
Nee. Gebruik geen wondvullers met het V.A.C.® Peel and Place-verband. Als wondvullers nodig zijn, selecteer dan een ander V.A.C.® Granufoam-verband voor gebruik.
De verbanden kunnen maximaal 7 dagen blijven zitten. De frequentie kan indien nodig door de arts worden aangepast.
De intervallen tussen wisselen van wondverband moeten gebaseerd zijn op een voortdurende evaluatie van de conditie van de patiënt en de wond in plaats van op een vast schema.
Zoals bij alle NPWT-verbanden moeten geïnfecteerde wonden vaak en zeer nauwlettend worden gecontroleerd en moeten de verbanden mogelijk vaker worden verwisseld.
Ja, de geperforeerde, niet-klevende polyurethaanlaag beschermt de periwondhuid tegen direct contact met foam en aangezien de laag geperforeerd is, biedt deze negatieve druk aan het periwondgebied en verwijdert deze al het vocht.
Knip niet in het foamgedeelte van het verband. Zorg dat er een afdoende foliegrens is voor de afdichting. Het verband is bedoeld om te worden gebruikt zonder aanpassing van de afmetingen van de foliegrens, zodat het verband eenvoudig kan worden aangebracht.
Voor sommige toepassingen kan het echter wenselijk zijn om het verband op maat te knippen naar oordeel van de zorgprofessional. Zorg dat er een afdoende foliegrens is voor de afdichting.
Bij een gebogen anatomie kunnen insneden worden gemaakt in het foliegedeelte van het verband om overlappingen of plooien in de folie te verminderen of om rimpels in de folie te verwijderen.
Nee, de geïntegreerde niet-klevende laag voorkomt direct contact met het foam. Als u zich zorgen maakt over de onderliggende structuren, overweeg dan om het verband binnen 7 dagen te wisselen om de wondprogressie te beoordelen.
Ja, net als bij andere V.A.C.®-verbanden die over blootliggende bloedvaten, anastomosegebieden of organen worden geplaatst, zou een dikke laag natuurlijk weefsel de meest effectieve bescherming moeten bieden.
Als dit niet beschikbaar is of chirurgisch niet mogelijk is, kunnen als alternatief meerdere lagen van niet-klevend gaasmateriaal of gekweekt weefsel worden overwogen.
Tips bij aanbrengen en verwijderen
Nee. Bij het verwijderen van het verband kan er wat fibrineus materiaal zichtbaar zijn. Reinig de wond volgens het protocol of de behandelingsinstructies van uw instelling.
Aanvankelijke preklinische onderzoeken met varkens hebben uitgewezen dat dit materiaal ongeveer 60% albumine bevat, hetgeen het meest voorkomende eiwit in het lichaam is.
In het preklinische onderzoek werd het fibrineuze materiaal niet verwijderd. Er werd waargenomen dat dit materiaal na verloop van tijd afnam bij opeenvolgende verbandwisselingen en het materiaal leek geen negatieve invloed te hebben op de wondgenezing.
Als zich een lekkage voordoet gelijk na plaatsing, kan de folie en het verband worden opgetild, geherpositioneerd en opnieuw worden aangebracht.
Zorg dat er geen rimpels of vouwen in het verband zitten.
Als er tijdens de therapie een lekkage ontstaat, plak dit dan af met extra 3M™ Dermatac-folie of 3M™ V.A.C.®-folie.
Breng het verband losjes over de wond aan (niet in de wond duwen!). De folie losjes plakken. Zorg dat de folie niet op spanning staat.
Op gebogen anatomie: folie inknippen om plooien te voorkomen. Folie kan tijdens eerste 20 min nog opnieuw gepositioneerd worden.
Bij V.A.C.® Peel and Place zijn licht vochtige wondranden (hyperhydratie) normaal. Hyperhydratie is niet hetzelfde als maceratie.
Bij te veel vocht:
- Druk verhogen (max. -150 mm Hg)
- Pad strategisch verplaatsen (bijv. met de zwaartekracht mee)
- Periwond beschermen met barrière/hydrocolloïd
Therapie instelling
Alleen continue therapie: -75 tot-150 mmHg.
Houd therapie 24/7 aan om maceratie te voorkomen.
Het V.AC.® Peel and Place verband werkt anders op de wond dan het V.AC.® Granufoam verband.
Houd er rekening mee dat het uiterlijk van de wond anders zal zijn. Dit is normaal en te verwachten.
• Granulatieweefsel: de kleur zal niet zo dieprood zijn en de textuur zal gladder zijn.
• Randmigratie: minder steile wondranden (strandeffect); er zijn geen meldingen van waargenomen epibole (gekrulde wondranden)
• Weefsel rondom de wond: veel gevallen van verbetering (kleur en turgor). Soms hyperhydratie (geen maceratie)
• Eiwitachtig materiaal op het oppervlak: in de meeste gevallen is dit albumine
• Geur: na 7 dagen kan een matige geur ontstaan in vergelijking met 3 dagen